Oma waait weg |
||||
de voorstelling |
|
|||
|
De oma van Mats was vroeger bij het circus. Ze houdt van verkleden, ondeugende dingen en van blazen op haar saxofoon. Mats heeft altijd veel plezier met oma want met oma kun je lachen! Maar soms is een spel opeens afgelopen. Dan worden oma’s ogen dof en vraagt ze wel veertig keer hetzelfde. Op zo’n moment pakt Mats oma’s saxofoon en speelt liedjes waar haar ogen weer van gaan glimmen.
Oma Waait Weg is een voorstelling over de relatie tussen een dementerende oma en haar kleinzoon. Een hoofdrol is weggelegd voor de muziek die voor deze oma altijd een brug is geweest naar de buitenwereld en dat tot het einde toe blijft. De voorstelling wordt gespeeld en verteld door de vier saxofonisten van Struif. Zij geven hiermee een theaterconcert dat weliswaar een ontroerende en weemoedige ondertoon kent, maar ook een heel vrolijk verhaal laat zien over de liefde tussen een oma en haar kleinzoon en de lol die ze samen hebben. sopraansax, spel: Caspar Becx altsax, spel: Cunéra van Lier tenorsax, spel: Remko Majoor baritonsax, spel: Rombout Stegink tekst en idee: Tom Sijtsma muziek: Caspar Becx regie: Anita van Soest vormgeving: Irma Heijnsdijk producent: Impresariaat Uit de Kunst ontwerp affiche: hanontwerper.nl |
||||
|
|
||||
Midas |
||||
de voorstelling |
Caspar Becx: saxofoons, fluit, althoorn en zang Maurits de Lange: toetsen, sequenzer en trombone Jaap Pluijgers: slagwerk Ronald Stout: spel en zang |
|||
|
Er was eens een koning en die mocht een wens doen. Hij koos voor ‘gouden handjes’. Alles wat hij aanraakte, veranderde in goud. Daarmee werd hij de rijkste koning van de wereld. Fantastisch natuurlijk! Maar dan ontdekt hij dat je goud niet eten of strelen kunt.
Struif waagt zich aan een muzikale bewerking van een oude Griekse mythe. Eigenlijk een voor kinderen heel toegankelijk sprookje. Koning Midas is qua ‘gevoelsleeftijd’ namelijk niet veel ouder dan een jaar of acht. Opnieuw is de bezetting van Struif gewijzigd. Natuurlijk is er het vertrouwde saxofoongeluid, maar daarnaast wordt er ook ‘gesampeld’. Het verhaal wordt grotendeels gezongen. Midas is daarmee opnieuw een vrolijk muzikaal feestje geworden met – voor wie daar behoefte aanheeft - een lichte moraal. |
||||
|
|
||||
Koewatsj! |
||||
de voorstelling |
![]() |
|||
|
In een pittoresk bergdorpje wordt de rust verstoord, door twee coole gasten. Het zijn veedieven. Hun werkwijze is altijd dezelfde: terwijl de ene gast de dorpsbewoners afleidt, steelt de andere de koe. Deze keer loopt het echter anders. Eén van de twee gasten komt tot inkeer als hij mee mag spelen met de dorpskapel. De andere gast probeert hem echter weer voor zich terug te winnen.
Zonder al te belerend te willen zijn, gaat het in deze voorstelling om de vraag: "Hoe 'cool' is het om je te misdragen?" Nou... Niet dus! In Koewatsj staat opnieuw het saxofoonkwartet centraal. Mede door de uitbreiding met een slagwerker kan Struif feestelijk uitpakken. Andere kenmerken van Struif: een eenvoudige verhaallijn en een evenwichtige verdeling van muziek en spel. De muziek wordt afgewisseld met slapstick en hedendaagse rap. De kinderen worden, onder andere door middel van echospelletjes en zang, direct bij de voorstelling betrokken. In veertig minuten tijd verandert vrijwel iedere speellocatie heel even in een rustiek bergdorpje, of het nu een theaterzaal of een gymzaal betreft. |
||||
|
|
||||
De Grote Zeemeermin |
||||
de voorstelling |
![]() |
|||
|
Juf was jarig. En daarom mochten alle kinderen verkleed naar school komen. Gijs ook. Hij had een mooi cowboypak, net als zes andere jongetjes van de groep. Maar veel liever was hij als prinsesje naar school gekomen. Of als elfje. Juf was ook heel mooi verkleed. Als een hele grote zeemeermin.
De grote zeemeermin is een muziektheatervoorstelling bedoeld voor een klein publiek. In een kleinere bezetting dan gebruikelijk, beschrijft muziektheatergroep Struif een bijzondere morgen uit het leven van Gijs, een kleuter van vijf. Gijs vindt juf heel lief. Bijna net zo lief als mama. Maar ja. Je kunt maar met één mevrouw tegelijk trouwen. Het verhaal van Gijs wordt verteld door middel van muziek, zang en spel. De voorstelling hoeft niet in het theater, maar kan gewoon op school, bijvoorbeeld in de speelzaal. Geschikt voor tussen de zestig en negentig kinderen per voorstelling. | ||||
|
|
||||
meer foto's ... |
||||
| De natuurbescherming - in de gedaante van een boswachter, vogelbeschermer, landschapsarchitect of jager - beheert, beschermt de natuur en mag graag alles in goede banen leiden. Maar het gaat niet altijd goed! In de voorstelling Valse Vogels bevinden we ons in een willekeurig natuurgebied.
Bij het ochtendgloren ontwaken één voor één vier vogels van diverse pluimage. Zij zetten achtereenvolgens hun lied in als symbool van een harmonieus en natuurlijk evenwicht. De boswachter heeft in zijn enthousiasme slechts oog voor een van de vier, namelijk de roerdomp (baritonsax), die door hem wordt gemerkt, geïsoleerd en voortdurend geobserveerd. De overige vogels probeert hij te verjagen, want die horen volgens hem in het gebied niet thuis. De boompieper (sopraansax) mobiliseert de andere vogels en de zaal en gezamenlijk zetten ze een tegenactie in. Hoe zal dit afgelopen? Komt de boswachter tot inkeer of leidt het een en ander tot onherstelbare schade aan de plaatselijke vogelstand? Valse Vogels is een voorstelling waarin de verhaallijn op muzikale en visuele wijze wordt duidelijk gemaakt, dus zonder gesproken woord. De muziek wordt verzorgd door de twee boven genoemde vogels samen met de loerende koekoek (altsax) en de angstige fazant (tenorsax). Een en ander staat garant voor een kleurrijk, dynamisch en bovenal humoristisch schouwspel. |
||||
|
|
||||
![]() |
||||
|
Muziektheater Struif speelt Stoepje vrij naar een sprookje van Godfried Bomans. Net als in de voorstelling Valse Vogels staat hetsaxofoon-kwartet weer centraal, ofschoon de musici nu ook andere instrumenten ter hand nemen. Al musicerend wordt het verhaal verteld van de ongelukkige prinses die gruwelijk lijdt onder het strakke regiem van haar vader. Bomans sprak van de principes van koning Boroeba. Struif vertaalt het met regels, regels en nog eens regels.
Star denken tegenover een flexibele houding; Een strak notenschema versus een losse improvisatie. Het trieste lot van prinses Stoepje stemt tot nadenken. Toch is het geen droevige voorstelling geworden. Integendeel! In veertig minuten wordt met weinig woorden en veel muziek een oud verhaal nieuw leven ingeblazen. |
||||